Dressuuramazone Lily Borden over halsstrekken

Halsstrekken betekent dat het paard zonder gehinderd te worden door de teugel zijn hoofd naar voren en naar beneden mag bewegen. Dressuuramazone Lily Borden (15) vertelt hoe zij het halsstrekken oefent. “Halsstrekken is meer dan de teugels losgooien.”

Lily Borden

“Mijn naam is Lily Borden en ik ben dol op paarden. Ik heb zelf twee paarden, Burning Heart Sr & Starlight. Met Burning Heart Sr (oftewel Burny) rijd ik L2 dressuur en met Starlight rijd ik M1 dressuur en B springen.”

Halsstrekken: makkelijk of niet?

Lily vertelt dat ze voor het halsstrekken vaak het hoogste cijfer op ieder protocol krijgt. “Halsstrekken lijkt in theorie een makkelijke oefening, de teugels losgooien en het paard de nek verlengen, maar in praktijk blijkt dit toch altijd een lastigere oefening. Je moet dan denken aan contact houden en geleidelijk de nek laten vallen tussen boeg en knie. Het oppakken van de  teugels moet ook vloeiend gaan.”

Trainen

Het halsstrekken is voor Lily een vast onderdeel in de training. “Tijdens het trainen door strek ik altijd twee keer standaard de hals, een beetje in het midden om de ontspanning weer op te zoeken en aan het einde om na te draven. Ik train dit altijd door geleidelijk de teugels te laten vloeien zonder dat het contact wordt gebroken of wanneer het paard de teugels verder probeert te trekken. Wanneer dit wel gebeurt zet ik ze op de volte en probeer ik stelling te houden zodat het contact vast wordt gehouden. Zo lukt het meestal om het vloeiend te laten verlopen.”

Lily met haar paard Burning Heart.

Veelgemaakte fouten en tips

Volgens Lily zijn er een aantal veelgemaakte fouten bij het halsstrekken. “Het ‘gewoon’ losgooien van de teugels van de teugels is er daar één van. Ook komt het vaak voor dat de teugels uit de handen worden getrokken of dat het hoofd zich niet tussen boeg- en kniehoogte bevindt.” Tot slot geeft Lily nog een aantal handige tips. “Probeer het halsstrekken altijd in je trainingen mee te nemen! Op de volte kan het handig zijn om zo stelling en buiging te houden, zodat je de hals makkelijk kan laten vallen tot kniehoogte (ik stel ze altijd iets lager in, zodat dit ook makkelijk te doen is wanneer je paard iets gespannen is). Zorg er ten slotte voor dat het tempo niet lager komt te liggen, dan wordt de aanspanning meestal iets onrustiger.”

Tekst: Lydia Hagen voor Manegeruiter

Foto: Archief / privebezit