Waarom worden paarden drukker als het hard waait?

De afgelopen dagen heeft het flink gewaaid in Nederland, en als we de weermannen en -vrouwen mogen geloven, blijft het nog wel even waaien. Als ruiter merk je dat op twee manieren: hard trappen naar de manege, en pony’s en paarden die drukker en onrustiger zijn dan normaal. Hoe kan het toch dat de wind zo’n effect heeft op veel paarden? En hoe ga je hiermee om?

Prooidier

Het is waarschijnlijk geen nieuws, maar een paard is een prooidier. Dat betekent dat hij, of de kudde, continu zijn omgeving in de gaten houdt om te checken of ‘de kust veilig’ is. Paarden zijn daarvoor uitgerust met hele goede zintuigen. Met hun neus en oren kunnen ze mogelijke bedreigingen al van ver opmerken en plaatsen.

Paardetende Monsters

Dat ‘plaatsen’ van mogelijke bedreigingen, dus het kunnen horen waar een bepaald geluid of een bepaalde geur precies vandaan komt en hoe ver weg het is, wordt verstoord zodra het hard waait. Windvlagen zorgen ervoor dat geuren en geluiden niet meer thuis te brengen zijn, en soms overal vandaan lijken te komen. Geluiden kunnen vervormd raken, waardoor ze opeens klinken als Vreselijk Enge Paardetende Monsters.

Ritselende zakjes en wapperende zeilen

Wij horen en ruiken natuurlijk niet wat paarden horen en ruiken, maar we kunnen ons nu wel voorstellen wat een bedreigend en chaotisch effect de wind op een paard kan hebben. Sommige effecten van de wind zijn voor ons echter wel heel duidelijk te zien en te horen. Wat dacht je van ritselende zakjes en wapperende zeilen? Of vreemde objecten die opeens door de lucht vliegen? Ook die dingen kunnen de wereld van het paard flink op z’n kop zetten.

Angst

Het is dus belangrijk om je te realiseren dat het “drukke” gedrag van paarden en pony’s als het hard waait, voortkomt uit onrust en angst. Ze zijn niet aan het ‘klooien’, ze zijn niet ‘jolig’ en ze nemen je ook niet in de maling. Ze zijn aan het overleven. Jouw taak is om je paard of pony gerust te stellen. Laat merken dat er niks is om je zorgen om te maken door zelf rustig te blijven en rustig en diep te ademen. Wat je ook doet, word niet boos en straf niet. Werp jezelf op als zijn ‘leider’, door de omgeving voor hem in de gaten te houden. Blijf opmerkzaam, maar zonder angst en spanning, en laat hem op die manier weten en ervaren dat het goed is.

Tekst: Suzanne Vlieger-Admiraal voor Manegeruiter

Foto: IStock