Ezels en paarden laten verschillend schuilgedrag zien

Er zijn verrassende verschillen tussen waarom en wanneer paarden en ezels gaan schuilen. Dit blijkt uit een studie onder gedeeltelijk in vrijheid levende paarden en ezels in Groot-Brittannië.

Heel kort samengevat: ze ontdekten dat ezels een voorkeur hebben voor de zon, en voelen zich het prettigst op heldere, warme dagen. Ze zullen sneller gaan schuilen op regenachtige, koudere dagen dan paarden.

Temperatuur

Gefinancierd door ‘The Donkey Sanctuary’, is dit de eerste studie om de mogelijkheid van ezels te onderzoeken om koele, natte klimaten te doorstaan. Het onderzoek toonde aan dat paarden kunnen omgaan met koud en nat weer, maar de meeste ezels onderdak zoeken als het begint te regenen en als de temperatuur zakt onder de 14 graden.

Omgeving en omstandigheden

In een periode van 16 maanden, bestudeerde het onderzoeksteam 208 gezonde, gedeeltelijk in vrijheid levende ezels en paarden. Ze zagen dat deze twee soorten zelf kiezen om gebruik te maken van onderdak, maar dit afhankelijk was van omgeving en omstandigheden.

Paarden het meeste buiten

Over het algemeen, behalve als het warm en droog was, bleven ezels veel minder tijd buiten dan paarden en gingen liever naar hun schuilplaats. Toen het regende, bleven drie keer vaker de ezels binnen dan de paarden. Bij álle weersomstandigheden bleven paarden het meeste buiten. Dit bevestigt het al lang aanwezige vermoeden dat ezels graag onderdak willen hebben bij slecht weer.

Insecten

Het is interessant om verschil te zien in het schuil-zoekende-gedrag tussen de twee soorten. Wat ze niet direct hadden verwacht, was de voorkeur van de paarden om in de zonnige zomermaanden beschut te zijn tegen insecten. De zomer, dus het vliegenseizoen, maakt duidelijk dat paarden en ezels onderdak zoeken op verschillende tijdstippen en om verschillende redenen. Toen er meer insecten werden waargenomen, gingen de paarden naar binnen en ezels gingen naar buiten. Dit kon echter ook veroorzaakt worden door de hogere temperaturen. Het toont aan dat de de ezels voorkeur geven voor de warme buiten, zélfs bij het ongemak van insecten. Paarden gaven de voorkeur aan minder overlast van vliegen in een schuilplaats.

Natuurlijke schuilplaatsen

Er waren ook flinke verschillen in het gebruik van natuurlijke schuilplaatsen (zoals bomen en struiken). Ezels zochten een natuurlijk onderdak vaker als beschutting tegen regen en wind en paarden zochten dit vaker op als het zonnig was.

Geschiedenis

Een combinatie van weersomstandigheden, zoals regen en wind samen, waren de meest waarschijnlijke reden dat beide soorten binnen bleven. Ezels zouden tóch net iets eerder onderdak zoeken. Dat is eigenlijk ook te verklaren als we kijken naar de geschiedenis van elke soort. Paarden leefden in het milde Eurazië, terwijl ezels afkomstig zijn van de Afrikaanse wilde ezel in gedeeltelijk droge gebieden van Noordoost-Afrika. Dit betekent dat paarden zich eerder kunnen aanpassen aan een gematigd klimaat terwijl ezels geschikter zijn voor een warmer en droger klimaat.

De onderzoekers hopen nu dat deze uitkomsten kunnen worden gebruikt door diegenen die ezels en paarden bezitten en verzorgen. Dit om ze beter te beschermen tegen omstandigheden waar ze niet geschikt voor zijn.

Geen van de dieren die voor het onderzoek werden gebruikt, werden geschoren of droegen dekens. Ze hadden verschillende kleuren vacht, van licht tot donker. Op elke plek werd temperatuur, windsnelheid, regenval, licht en hoeveelheid en overlast van vliegende insecten gemeten. Dit werd gedaan om te beoordelen wát de dieren ertoe had aangezet om te gaan schuilen.

Zelf kiezen

Alle eigenaren van paardachtigen zouden moeten worden aangemoedigd om ze het hele jaar door passend onderdak te bieden, zodat ze ook zelf kunnen kiezen als daar behoefte aan is.

Het onderzoek is uitgevoerd onder leiding van Universiteit Portsmouth (Dr Leanne Proops), onderzoekmedewerkers internationale dierenwelzijn liefdadigheid, The Donkey Sanctuary, Canterbury Christ Church University en Dartmoor pony erfgoed Trust en Natural Horse Management-expert Lucinda McAlpine.

Bron: horsetalk

Foto: M. Rongen