Robbin Kleermans: “Zo krijg je een paard goed voor het been”

Tijdens het paardrijden is het enorm belangrijk dat een paard goed reageert op de hulpen van de ruiter. Zo is het bijvoorbeeld van belang dat een paard ‘goed voor het been is’. Maar wat betekent dat precies en hoe bereik je dat? Dressuuramazone Robbin Kleermans (25) vertelt er alles over. “Als een paard niet goed aan het been is wordt het veel lastiger om oefeningen aan te leren.”

Wie is Robbin?

“Ik ben Robbin Kleermans, een 25 jarige dressuuramazone in hart en nieren. Ik heb 10 paarden in training van net zadelmak tot richting de subtop. Momenteel is de oudste in de stallen 7 jaar. Ik rijd hengsten, merries en ruinen. De combinatie van jong tot ouder vind ik het leukste wat er is. Het liefste heb ik de paarden zo groen mogelijk want dan kan ik ze helemaal naar m’n eigen hand zetten. Ik ben ook actief in de wedstrijdsport. Mij zal je regelmatig vinden op jonge paarden competities en andere wedstrijden. Paarden zijn mijn passie en ik ben elke dag dankbaar dat ik van mijn hobby mijn werk heb kunnen maken. Bij de paarden ben ik helemaal gelukkig en geniet ik van elk moment.”

Wat betekent ‘goed voor het been’ precies?

“Als ik een paard in training krijg is een van de belangrijkste en eerste dingen die ik ze leer, dat ze aan mijn been zijn. Dus aan de hulpen van de ruiter. Ik wil een duidelijke reactie op het naar voren willen rijden maar ook een rem. De sleutel ligt hier echt in het consequent rijden en het paard nooit in de war brengen. Wat ik hiermee bedoel is dat je als ruiter duidelijk jezelf moet afvragen wat je van je paard verwacht en op welke manier je het aan je paard vraagt. Breng je paard dan ook niet in de war door iets van hem te verwachten maar het steeds op een andere manier te vragen.”

Waarom reageren sommige paarden niet goed op beenhulpen?

“Dit heeft soms een onderliggende oorzaak. Soms zijn paarden die slecht reageren onstabieler of strakker in de aanleuning. Een paard moet altijd voorwaarde meerwaarde gereden worden. We kunnen immers in de auto ook niet gas geven en remmen tegelijk. Niet alle paarden hebben evenveel looplust. Het ene paard is wat vlugger dan de andere. Ook een trager (ook wel een flegmatiek) type kan je goed scherp aan je been krijgen. Door altijd heel consequent te zijn en duidelijk te vertellen wat je van je paard vraagt leert hij op een gegeven moment dat hij naar voren moet denken als je een beenhulp geeft.”

Hoe train jij dit probleem?

“Wanneer je paard traag of niet reageert op een beenhulp, is het zaak dat je als ruiter hier op inspeelt en een duidelijkere hulp geeft. Wanneer je hier reactie op krijgt wacht ik altijd even met een nieuwe beenhulp. Ik wil dat de paarden niet ineens ‘stoppen’ of op de rem gaan als ik mijn been eraf haal. Op het moment dat hij terugdenkt kom ik weer met mijn been. Wanneer je hier niet voldoende reactie krijgt mag je echt wel scherper inwerken of desnoods je zweepje een keer gebruiken. Hiermee bedoel ik niet dat je je paard een harde klap moet geven, maar wel dat je duidelijker mag vertellen wat je van hem wilt. How consequenter je hierin bent, hoe beter je paard aan je been zal worden. Blijft nooit continu aanzetten met je been want hier bereik je enkel het tegendeel mee. Probeer duidelijk te vertellen wat je van je paard wilt en krijg je de juiste reactie beloon je hem door te ontspannen of een klopje te geven.”

Waarom moet een paard goed aan het been zijn?

“Paarden die slecht aan het been zijn kunnen ook onstabieler in de aanleuning worden en het aanleren van de oefeningen zal een stuk lastiger worden. Het is altijd heel belangrijk dat je als ruiter jezelf altijd afvraagt; loopt mijn paard van achter naar voren, naar de hand toe en is hij aan mijn been.”

Wat zijn jouw tips voor andere ruiters?

✩ “Het paard moet begrijpen wat je als ruiter zijnde bedoeld. Denk dus altijd eerst even na voor je iets van je paard vraagt. Is het voor jezelf duidelijk wat je wilt en hoe je de hulp gaat geven dan kom je door. Voor één bepaalde reactie, geef je één bepaalde hulp. Let wel op dat je altijd deze hulp hetzelfde geeft en niet zomaar ook voor andere dingen gebruikt. Anders zal je paard je niet goed begrijpen.”

✩ “Door ook duidelijk te zijn in het belonen (door te ontspannen) of een klopje te geven, leren ze dat ze het goed doen. Ook dit is heel belangrijk als je iets wilt aanleren aan je paard.”

✩ “Als je voorwaarts wilt en je legt beide benen aan, betekend dat, dat je een reactie naar voren wilt. Wanneer je paard hier niet op reageert mag je best duidelijker inkomen door nogmaals je hulp te herhalen. Wanneer je paard hier nog steeds niet de gewenste reactie op geeft, mag je best je zweepje gebruiken door een kort vlug tikje te geven. Mocht je paard nu in galop ervan door gaan, let dan op dat je hem niet meteen terug vraagt. Je wilt reactie naar voren!”

✩ “Het is wel belangrijk dat je hierna niet hulpen blijft geven maar even wacht tot je paard weer ‘vertraagt’. Pas als dit gebeurd herhaal je dit. Na een tijdje zal je vanzelf merken dat je paard steeds beter gaat reageren op de hulp om naar voren te gaan. Nogmaals hoe consequenter je bent, hoe beter het werkt.”

✩ “Ook is het belangrijk dat als je paard voorwaarts reageert om hem niet direct op de rem te gooien. Je vraagt ineens om een reactie naar voren. Ook als hij onder je door schiet, blijf je rustig zitten want hij denkt naar voren. Laat hem even gaan en vraag hem rustig terug. Straf ze hier niet voor want je wilt dat ze altijd naar voren denken.”

✩ “Tot slot is het belangrijk dat je als ruiter een onafhankelijke zit hebt, dat jij je paard niet nodig hebt om te blijven zitten. Wanneer je altijd veel druk op de teugels hebt, rijd je altijd op een soort handrem, dan kan je niet verwachten dat als je inkomt hij onder je vandaan loopt, hij zal altijd met die handrem blijven lopen. Een onafhankelijke zit krijg je door balans. Balans krijg je van kracht en kracht van trainen. Iedereen kan een mooie en onafhankelijke zit ontwikkelen.”

Foto’s: Robbin Kleermans (privébezit)