Zo bepaal je de juiste lengte van de stijgbeugels

Om de juiste lengte van de stijgbeugels te bepalen bestaat geen gouden regel. Je moet met meerdere zaken rekening houden. Marijke Könst is werkzaam als bedrijfsleider en instructrice op het Almeersch Hippisch Centrum. Ze geeft antwoord op een aantal belangrijke vragen. “Als je zelf prettig zit kan je de bewegingen van je paard ook beter volgen.”

Hoe bepaal je de juiste lengte van de stijgbeugels?

“Er is geen gouden regel waarmee je bepaalt wat de juiste lengte van je stijgbeugel is. Er zijn een aantal zaken waarmee je rekening moet houden, zoals de bouw van de ruiter, de ervaring van de ruiter, het model van het zadel en het paard zelf. Ook van invloed is wat ga je doen, heb je dressuurles, springles of ga je een buitenrit maken. In de dressuurles rij je vaak met langere beugels dan tijdens de springles of buitenrit. Als je gaat paardrijden kan je voordat je opstijgt alvast je beugels naast het paard op maat maken. Je plaatst de toppen van je vingers onder het zadelrokje tegen de stijgbeugelhaak. Met een gestrekte arm moet de stijgbeugelriem zolang zijn dat de onderkant van de stijgbeugel in je oksel komt en de stijgbeugelriem strak langs je arm loopt. Zit je eenmaal op het paard dan moet je soms je beugels nog een beetje aanpassen om lekker te kunnen zitten.”

Waarom is het zo belangrijk dat de stijgbeugels de juiste lengte hebben?

“Het is belangrijk dat je stijgbeugels de juiste lengte hebben voor een goede houding op het paard. Je schouders, heupen en hakken liggen in een verticale lijn onder elkaar. De stijgbeugel ligt onder het breedste deel van je voet en geeft steun. Je moet het gevoel hebben dat je op een prettige en veilige manier kan rijden. Als je zelf prettig zit kan je de bewegingen van je paard ook beter volgen.”

Wat kan er gebeuren als de stijgbeugels niet de juiste lengte hebben?

“Zijn de stijgbeugels niet de juiste lengte dan heeft dat gevolgen voor je houding te paard. Zijn je stijgbeugels te lang, dan moet je teveel reiken naar de beugels. Omdat je dan moeite moet doen je voeten in de beugels te houden ga je verkrampt en vaak te veel voorover zitten. Bij te korte stijgbeugels zijn je kniegewricht en enkelgewricht extra gebogen, vaak kom je daardoor te ver achter in het zadel terecht. Je beugels kunnen ook ongelijk zijn, door ongelijke beugels zit je als ruiter scheef en daardoor kan je de hulpen aan je paard minder goed geven. Overleg met je instructeur wat voor jou de goede stijgbeugellengte is. Bij twijfel kan je altijd een keer proberen om tijdens je les te veranderen in lengte.”

Foto: Ruben Karnas