“Kijk op de herfst”

Wat vinden we als paardenliefhebbers en ruiters nu echt het leukst aan de herfst? Het seizoen heeft voordelen maar soms ook nadelen.

Onze “kijk op de herfst”

  1. Herfstritje

Wat is er mooier dan een ruiterroute te volgen onder een roze lucht terwijl de zon opkomt op een mistige herfstochtend, of door het land te rijden in een landschap waar alles wat nog leeft of groeit, getint is met goud?

(Aan de andere kant, is dat mijn wekker al? Dat kan niet. Het is midden in de nacht!)

  1. Scheren

Niets laat een paard er beter uitzien dan een nette scheerbeurt, die een gezonde en glanzende vacht over mooie spieren laat zien. Je kunt zelfs scheren om de goede punten op te laten vallen en minder goede plekjes te verbergen. Ondertussen voelt het aaien over de nek als fluweel.

(Het maakt niet uit dat je bij het snuiten van je neus een tissue met haren vult, en de komende maand last hebt van jeukende nek in dat jasje. Dit zijn de minste zorgen als je paard in paniek raakt al bij het aanzetten van de tondeuse)

  1. Geen vliegen

Tot ziens enge dazen. Adios vervelende muggen. Vaarwel jeuk en bultjes onder het dekje.

(Welkom, wind en regen, het is al een tijdje geleden)

  1. Galopperen

“Hoera” voor het hemelse, lange galopperen nu de velden zacht genoeg zijn om in rengalop te gaan, nadat ze de hele zomer hard gebakken zijn geweest.

(“Boeh” als je de volgende dag de modder van je singel kunt schrapen, als je geen tijd had om het af te wassen bij terugkeer op stal)

  1. Dik strobed

Dikke strobedden maken, die er nu nóg uitnodigender en onberispelijker uitzien dan de rest van het jaar. Je haalt het dankbare paard uit een stortbui en ziet de stoom opstijgen van zijn rug, terwijl het zijn avondmaal verorbert in deze luxe stal.

(Je hebt jezelf zojuist aangemeld om elke ochtend uit te mesten totdat het weer in april beter wordt).

  1. Geen stof

Niet meer poetsen en borstelen en borstelen en borstelen door de eindeloze hoeveelheden stof op de vacht.

(Er is dan nog die kleine kwestie van (natte) modder, maar dat is een stuk gemakkelijker als het eenmaal droog is. Oh en dan is er nog zoiets als mok. Dat is een andere, minder leuke bijkomstigheid.

  1. Buitenrit met een groep

En we zijn vertrokken! Als je over velden stormt, waar je de rest van het jaar niet de kans voor krijgt, in het gezelschap van goede vrienden, terwijl je paard net zo geniet van die kameraadschap als jij.

(Pak reservejassen en -broeken in voor het geval je in water/modderpoel komt en het een beetje koud is)

  1. Mooie bladeren

Noem het een beetje onnozel, maar als je het grootste deel van de week opgesloten op kantoor of op school zit, uitkijkend op een grijs stadsbeeld, is het een groot verschil met rijden door gevallen bladeren op een zaterdagochtend. Je bewondert de rode en gouden kleuren die nog steeds aan hun takken kleven, het is hartverwarmend.

(We zien niets slechts aan bladeren, behalve als ze verzamelen op het erf om een ​​vochtige, glanzende ijsbaan te vormen waarop we onderuitgaan. Nat mos, ook zo’n dingetje …)

  1. Warm bad

Je hebt, néé, je verdient een lang, heet, dampend bad om je bevroren lichaam te verwennen bij terugkeer van een dag op stal. Gelukzaligheid.

(Maar … winterhanden/-voeten, tja dat zijn minpunten)

Bron: H&H

Foto: pixabayCatkin