Onderzoek: sportpaarden worden steeds ouder

Paarden die actief zijn in de sport worden al jaren steeds ouder. Dit blijkt uit de toernooistatistieken van de Duitse Paardensportbond. Tien procent van alle geregistreerde wedstrijdpaarden in Duitsland is 16 jaar en ouder en dit stijgt nog steeds.  Bovendien is er nóg een (zeer positieve) ontwikkeling te zien: het verkopen van oude paarden of ze buitenspel zetten, is voor de meesten geen optie.

Meer dan in het verleden

Zijn er tegenwoordig meer oude paarden dan in het verleden? Deze vraag is niet eenduidig ​​met cijfers te onderbouwen, maar er zijn wel enkele aanwijzingen voor, aldus de Duitse Paardensportbond.

In Duitsland lijkt het aantal drie- en vierjarige paarden in de sport af te nemen. In 2019 lag dit net onder de 8%, maar we zien steeds meer 11- tot 15-jarige paarden in de sport. In 2014 was dat nog 24%, vijf jaar later bijna 30%. De groep nog oudere paarden is in deze periode gegroeid van negen naar tien procent van alle geregistreerde wedstrijdpaarden.

Volgens een HorseFuturePanel-enquête over gepensioneerde paarden, zijn de deelnemers het eens dat een paard, dat een leven lang in dienst van mensen staat, een paardvriendelijk ‘pensioenleven’ verdient (95%). Ook is 55% van mening dat er tegenwoordig gemiddeld meer gepensioneerde paarden zijn. Slechts twaalf procent denkt dat er minder oude paarden zijn. Op het moment van het onderzoek bezat 39% van de ondervraagde paardeneigenaren zelf minstens één gepensioneerd paard.

Kreupelheid meest voorkomende reden voor pensioen

Een paard is met ongeveer 20 jaar “oud”. Dat is tenminste hoe de proefpersonen van het HorseFuturePanel-onderzoek dat zien. Men is het er in grote lijnen over eens dat een oud paard niet automatisch met pensioen gaat. Dat blijkt ook uit de cijfers: in 2019 waren maar liefst 3.860 paarden van 19 jaar en ouder ingeschreven in het wedstrijdpaardenregister van de Duitse Hippische Vereniging (FN).

De meesten van hen vinden een paard klaar voor zijn pensioen als het niet meer kan worden bereden (61%), getraind (60%) of niet langer in goede gezondheid verkeert (52%). Bijna twee derde van de eigenaren van gepensioneerde paarden heeft hun paard wegens ziekte met pensioen gestuurd. De meeste probleempjes van oude paarden zijn aandoeningen van het bewegingsapparaat (78%). Vooral artrose, ongeveer een vijfde, lijdt aan luchtwegaandoeningen.

Huisvesting

Groepshuisvesting is meest populair. Nog geen derde van de gepensioneerde paarden leeft in individuele huisvesting. De rest blijft of schakelt over naar groepshuisvesting in de vorm van open stallen (39%), volledige weidegang (20%), actieve stallen (6%) of alternatieven. In wezen is er echter kritiek (46%) dat er gebrek is aan paardvriendelijke accommodatie voor deze paarden.

Oude liefde roest niet

Veel ruiters zien hun oude paarden als partners of familieleden die ze met grote zorg en liefde verzorgen, ook na een actieve tijd in de sport.

Uit het oog uit het hart, maar niet met oude paarden. Meer dan de helft van de paardeneigenaren bezoekt “hun oudjes” elke dag om ze te poetsen, verzorgen en voeren. Ongeveer 15% controleert met regelmaat of ze in orde zijn. Opvang is echter niet (altijd) gratis beschikbaar. Minder dan een derde zegt dat de kosten iets zijn gedaald, maar voor de meesten (44%) veranderde niets. Sommigen (27%) moeten zelfs meer uitgeven dan eerst, bijvoorbeeld aan voeding, medicijnen en dierenarts. Het is dan ook geen wonder dat een meerderheid het erover eens is dat invoering van een paardenbelasting ervoor kan zorgen dat er minder oudere paarden zullen zijn. En gevolgen van de coronapandemie voor deze paarden zijn momenteel niet te overzien.

Samen tot het einde

Zelfs het beste leven van oude paarden zal ooit eindigen. Slechts zes procent van de ondervraagde eigenaren, wiens paard nog niet de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt, heeft er niet over nagedacht. Voor de meesten, 84%, is één ding duidelijk: ze zullen hun paard zo lang mogelijk blijven verzorgen. Slechts negen procent wil echter wachten tot het een natuurlijke dood sterft en 67% zegt te willen dat hun paard wordt geëuthanaseerd als het ‘klaar’ is. In dit laatste geval is het laten slachten van het paard slechts een mogelijkheid voor zes procent. Dit blijkt ook uit een kijkje in het paardenpaspoort. Bij 64% van de proefpersonen werd hun paard daar aangegeven als een “niet-slachtpaard”.

Bron: Pferderevue

Foto: Sabine Timman