Paarden weer op wei: langzaam opbouwen!

Met de lente in het vooruitzicht, kunnen de paarden straks weer de wei op. Houd er wel rekening mee dat het lentegras niet zo gezond is voor een paard want er is kans op hoefbevangenheid en spijsverteringsproblemen.

Gras bevat de belangrijkste voedingswaarden. Een paard heeft een aangeboren behoefte om te grazen en de vezels zijn goed voor het spijsverteringskanaal. Bij het aanbreken van de lente kan het gras echter ook zorgen voor problemen. Voornamelijk bij paarden met risico op spijsverterings- en stofwisselingsziektes.

NSC’s en fructaan

Lentegras bevat grote hoeveelheden van zogenaamde ‘ongestructureerde koolhydraten (NSC’s)’, die betrokken zijn bij acute spijsverteringsziekten bij paarden. De verschillende typen NSC’s die in grassen zitten, zijn de suikers (glucose, fructose, sacharose), zetmeel en fructaan. Fructaan is een soort suiker dat door de grasplant wordt gemaakt door zonlicht.
Fructaan is vooral boosdoener voor het veroorzaken van hoefbevangenheid. Minder inname van gras wil echter niet per se zeggen minder opname van fructaan. Samenstelling van het gras op moment van eten, is veel belangrijker dan de hoeveelheid.

Overdag vindt fotosynthese plaats (lichtenergie wordt gebruikt om koolstofdioxide om te zetten in koolhydraten, zoals suikers), waarbij NSC’s worden aangemaakt. Ze voorzien de plant ’s nachts van brandstof om te kunnen groeien. In het voorjaar zijn veel grassen in vroege en actieve groei, wat zorgt voor een hoge NSC-aanmaak.
Avonden kunnen nu nog erg koud zijn. Als de temperatuur onder de 5 graden Celcius komt, maakt de plant geen gebruik van de NSC’s, waardoor de suiker- en fructaanwaarde in het gras veel hoger is dan anders.

Ziektebeeld hoefbevangenheid

Er is geen veilig seizoen is bij hoefbevangenheid, maar de kans op hoefbevangenheid is groter als een paard veel suikers opneemt. Uit onderzoek van Britain’s Animal Health Trust blijkt dat één op de tien paarden of pony’s elk jaar last heeft van de steeds terugkomende verschijnselen, die horen bij het ziektebeeld van hoefbevangenheid. De ziekte komt dus net zo veel voor als koliek.
De onderzoekers wijzen paardeneigenaren op het belang van het op tijd herkennen van voortekenen van hoefbevangenheid. Daardoor kan mogelijk fatale afloop voorkomen worden. Ook wordt nog wel aangeraden om waakzaam te blijven, ook als het voorjaar al voorbij is.

Tips verkleinen of voorkomen hoefbevangenheid

  1. Tijd op wei opbouwen

Bouw het geleidelijk op als de paarden eindelijk weer de wei op kunnen. Als je de paarden met kleine stukjes naar buiten zet (15-30 minuten in het begin), en dit verder rustig opbouwt naar een hele dag, kunnen ze beter aan de verandering van voedingsstoffen werken. Hierdoor zullen ze dan ook minder snel vatbaar zijn voor hoefbevangenheid.

  1. Vroeg in de ochtend of later op avond

Heeft een paard al een geschiedenis met hoefbevangenheid, dan kan het, vooral in de lente, handig zijn om het vroeg in de ochtend of juist later op de avond op de wei te laten. Zoals eerder gezegd, is de suikerwaarde in gras het hoogst in de vroege avond. Het daalt tot het laagste punt in de vroege ochtend.

  1. Nieuwe groei

Houd het gras op een passende hoogte. Overbegrazing kan zorgen dat de paarden de nieuwe groei van de wei al opeten. Die nieuwe groei heeft meestal ook een hoger suikergehalte. Als een weiland overwoekerd of te oud is, kan een paard veel zaadkoppen eten, die ook weer veel suikers bevatten.

  1. Verminderen hoeveelheid

Als het nodig is, maak dan gebruik van een graasmasker. Zo verminder je de hoeveelheid gras die het paard kan eten, maar kan het wel lekker in de wei lopen.

Bron:  The Horse / CAP

Foto: M. Rongen-Bosch

What do you want to do ?

New mail